terminus

11 punten voor goed zicht op licht



Op zonnige dagen stijgt ons welzijn. Wij zijn goedgehumeurd en vol energie. Zo heeft de natuur dit geregeld. Light11 heeft zich tot taak gesteld om natuurlijk licht naar uw woonwereld te brengen. Light11biedt uitgelezen lichtoplossingen die het zonnetje bij u in huis brengen. Want met het juiste licht in uw woonwereld voelt u zich goed en gezond. De 11 punten voor goed zicht op licht zijn hiervoor bepalend.

1. Verblinding

Zonnebril, nee dank u

Het helderste punt moet altijd het verlichte voorwerp zijn, en nooit de mensen zelf. Anders worden de ogen verblind en het gezichtsvermogen en het welzijn sterk beïnvloed. Daarom moeten eettafellampen voor een sfeervolle verlichting van de gedekte tafel zorgen en de dinerende personen tijdens het gesprek niet verblinden. Bij intelligente lichtoplossingen is elke verblinding taboe. Of wilt u graag thuis met een zonnebril rondlopen?

2.Lichtsterkteverdeling

Compositie van licht en donker

Lichtsterkte wordt waargenomen door de ogen. De lichtsterkte bestaat uit het licht, dat de lamp uitstraalt en de kleur van het waargenomen materiaal.
Lichte ruimten ontstaan door de verlichting van lichte materialen. Elke ruimte wordt licht wanneer de wanden en de plafonds licht van kleur zijn en aangelicht worden. Door verlichting van een donkere vloer, bijvoorbeeld door een naar beneden gerichte hanglamp, ziet dezelfde ruimte er zelfs bij veel licht donker uit. Het doel is om de lichtsterkte zo harmonisch mogelijk te verdelen zodat de ruimten behaaglijk worden. Zowel een heldere lichtvlek in een donkere omgeving als een eentonig verlichte ruimte worden door waarnemers als onaangenaam ervaren. Te sterke licht-donker contrasten vermoeien de ogen, de ogen moeten zich buitengewoon aanpassen en worden snel moe. Een monotoon verlichte ruimte komt echter saai over. Dit schept een stemming en sfeer die passen bij bewolkte dagen. De verlichting van een ruimte moet daarom een combinatie zijn van zachte basisverlichting en boeiende accentverlichting.

3. Verlichtingssterkte

De verlichtingssterkte van licht

De verlichtingssterkte, gemeten in Lux, mag niet met lichtsterkte worden verward. De verlichtingssterkte bepaalt de hoeveelheid vallend licht van een lamp en niet de helderheid van de lamp. De Europese normen voor computerwerkplekken bevelen bijvoorbeeld 500 lux aan. Een hoge verlichtingssterkte is alleen nodig wanneer aanhoudend, goed zicht nodig is, bijvoorbeeld voor werken, lezen, tekenen, knutselen, of het verrichten van thuiswerk. De door light11 aanbevolen lampen voor de verschillende ruimten en zones zijn zodanig gekozen dat de ideale verlichtingssterkte wordt gewaarborgd.

4. Lichtkleur

Onderscheid tussen warm en koud

De lichtkleur zorgt voor het onderscheid tussen koud en warm licht. De lichtkleur wordt bepaald door het kleurspectrum dat afhankelijk van de lichtbron varieert. De kleuren rood en blauw zijn essentieel. Hoe meer roodaandeel hoe warmer het licht en hoe meer blauwaandeel, hoe kouder het licht. De lichtkleur wordt in graden Kelvin (°K) gemeten..
 
lichtbron
Kelvin
kleur-
component
lichteffect
 
  • Kaars
    1,800 °K
    buitengewoon hoog roodaandeel
    flatterend, gedempt licht
  •  
  • Gloeilamp
    2,700 °K
    zeer hoog roodaandeel
    warm, gezellig licht
  •  
  • Halogeen-
    gloeilamp
    3,000 °K
    hoog roodaandeel
    wit, krachtig licht
  •  
  • Daglicht
    6,000 –
    20,000 °K
    hoog blauwaandeel
    fris, natuurlijk licht

5. Kleurweergave

Lichtspectrum

De kleurweergave bepaalt of het licht alle aangestraalde kleuren natuurgetrouw weergeeft. Dit wordt bepaald door de lichtbronnen(bijvoorbeeld gloeilampen, halogeenlampen, fluorescentielampen). Deze worden in klassen ingedeeld zoals 1A, 1B, 2A, 2B etc. Klasse 1A is de beste weergave van kleuren. Voor woonruimten beveelt light11 in het algemeen een kleurweergave van 1A aan. De badkamer vormt hierop een uitzondering. Hier worden fluorescentielampen en compacte fluorescentielampen aanbevolen omdat ze schaduwarm licht over een groot oppervlak verspreiden en gezichten hierdoor het beste verlichten. Bij deze lampen is een kleurweergave van 1B echter in de meeste gevallen het maximum.
 

6. Lichtrichting

Lengte en positie van schaduw

De richting waaruit het licht op voorwerpen valt, heeft een invloed op de lengte en de positie van de ontstane schaduw. Hoe kleiner de hoek van de lichtinval, hoe langer de schaduw. Veel schaduw op de werkoppervlakken in de keuken, op bureaus of bij het lezen in een fauteuil & of op een sofa kan uiterst storend zijn. Vooral wanneer bovendien handen of andere voorwerpen schaduw op het waargenomen voorwerp werpen. Voor rechtshandige mensen moet het licht daarom van linksboven uit een niet te kleine hoek vallen, voor linkshandige mensen moet het licht van rechtsboven komen.

7. Schaduwval

Levendige ruimten door licht en schaduw

Schaduwen zijn geen web van duisternis maar spelen met licht. Schaduwen bevorderen het driedimensionale zicht, accentueren gezichten en voorwerpen, en zorgen ervoor dat oppervlaktestructuren en details herkenbaar zijn. Een diffuse lichtbron zonder schaduw wordt als onaangenaam ervaren. Ook te sterke schaduwen met harde randen zijn echter storend. Ideaal zijn harmonische schaduwen die het gemakkelijk onderscheiden van vormen en oppervlakken mogelijk maken. Zo worden bijvoorbeeld de gezichten van vrienden die aan de eettafel zitten, aangenaam verlicht. Zeer sterke of ontbrekende schaduwen zorgen er echter voor dat de overburen er hard of vaal uitzien.

8. Lichtdynamiek

Afstemming op individuele behoeften

Dynamisch licht past zich aan individuele behoeften aan. Het past zich aan situaties, bezigheden, tijdstippen van de dag en stemmingen aan. Het belangrijkste en populairste instrument is de dimmer. De dimmer bepaalt bijvoorbeeld of de lamp naast de fauteuil en & sofa een krachtig leeslicht of een gezellig sfeerlicht moet verspreiden. Een intelligente oplossing voor dynamisch licht bieden de moderne werkpleklampen die zich volautomatisch aan de intensiteit van het daglicht aanpassen. Door een constante verlichting van het bureau wordt vermoeidheid voorkomen en het prestatievermogen duidelijk verhoogd. De nieuwste trend in sfeerverlichting is led-lampen. met lichtdioden. Het bijzondere kenmerk hiervan is: ze kunnen de lichtkleur naar wens veranderen. Het licht kan in combinatie met de passende afstandsbedieningen, waarmee de verschillende lichtprogramma's kunnen worden opgeroepen, dynamisch worden ingesteld. De lamp gaat dan automatisch in de gewenste stand branden met een levendige wisseling van de lichtkleur.

9. Aansturing

Het juiste licht op elke plek

Licht aan, licht uit. Klinkt gemakkelijk, maar kan moeilijk zijn. Bijvoorbeeld wanneer de schakelaar van een vloerlamp zich halverwege het snoer bevindt. Vanaf de deur of de sofa of & fauteuil is de schakelaar dan vrijwel onbereikbaar. Om snel, flexibel en gemakkelijk het juiste licht op elke plek te krijgen, is ook de intelligente positionering van de schakelaar bepalend. Schakelaars moeten zich op plaatsen bevinden waar ze gebruikt worden, bijvoorbeeld flexibel als afstandsbediening of natuurlijk bij de deur. Intelligente schakelapparatuur, die draadloos op de gewenste plaats ge?nstalleerd kan worden, biedt het grootste comfort. Vooral in ruimten met meer dan drie lampen raden wij lichtaansturingen aan, waarmee alle lampen in een ruimte tegelijktijdig aangestuurd kunnen worden. De verschillende stemmingen kunnen zo door individuele lichtscenes variabel en snel door een druk op de knop worden ingesteld.

10. Flexibiliteit

Variabele zwenk- en draaibewegingen voor accentverlichting

Flexibel verstelbaar in een, twee, drie of meer richtingen. Hoe meer variabel de lichtrichting van een lamp kan worden ingesteld, hoe veelzijdiger het gebruik van de lamp. Het licht kan hier of daar gestuurd worden, met een meer of mindere sterke focus, zodat het zich ideaal aan verschillende voorwaarden aanpast. De bureaulamp kan erg dichtbij worden neergezet om details te tekenen of het licht van de leeslamp naast de fauteuil en sofa kan naar het plafond worden gericht om een indirect, gezellig licht in de hele woonkamer te verspreiden. Het maakt niet uit of het tafellampen, vloerlampen, wandlampen of hanglampen zijn, zo lang een lamp maar flexibel is, kan de lamp voor verschillende doeleinden worden gebruikt en verschillende stemmingen oproepen.

11. Verplaatsbaarheid

Voor kleine en grote plaatsveranderingen

Hoogwaardige lampen zijn onze partners voor het leven. Het is nog belangrijker dat ze bij verhuizingen of renovatie - of wanneer ons dit uitkomt - zonder omhaal op een andere plaats kunnen worden geïnstalleerd. Klem-, vloer en tafellampen zijn in dit opzicht uiterst goed verplaatsbaar. Ook modellen die vast aan het plafond, de wand of op meubels worden geïnstalleerd, kunnen van plaats worden veranderd wanneer de demontage en montage gemakkelijk afgaan. Vooral in dit opzicht bieden merkproducten een voordeel vergeleken bij massaproducten. Ze bieden duurzaamheid, veiligheid en comfort en gaan een groot aantal jaren langer mee dan lampen van meubelwinkels. Dat klopt als een bus.

top